NOMINATIE VPRO Bagagedrager 2015: reisplan Biggenbad

Mijn korte verhaal BIGGENBAD werd als reisplan genomineerd voor de VPRO Bagagedrager en daarmee maak ik kans op 25oo euro om mijn reis te gaan maken en een longread te schrijven voor Uitgeverij Fosfor! Filmpje in sexy oranje overall en met een charmante big aan mijn zijde check je hier: http://www.vpro.nl/boeken/artikelen/specials/prijzen/bagagedrager/2015/bagagedrager-Sara.html

 

Mijn reisplan lees je hier:

BIGGENBAD

Op mijn zeventiende reanimeerde ik een big. Een reeds blauw aangelopen big, met zijn tong uit zijn bek als een ruw lapje vlees. Zijn tweehonderd kilo wegende zeug van een moeder was op hem gaan zitten. Ik trok hem aan zijn achterpootjes omhoog en klopte op zijn kleine rug. Hij bewoog niet. Ik klemde mijn handen om zijn snuitje en blies mijn warme adem zijn neusgaten in. Niets. Opnieuw zachtjes blazen. Niets. Opnieuw. Een rilling trok door zijn kleine lijf. Zijn ogen openden, zijn krulstaartje krulde. Toen een luid gegil, gevolgd door woest gespartel. Ik had een biggenleven gered. Onwetend was ik.

In de drie maanden die ik verbleef op een Noorse varkensboerderij zou ik eenentwintig biggen redden. Door ze te behoeden voor een val in de gierput of ze tegen onderkoeling te beschermen door ze in kleine gele zwemvestjes onder te dompelen in een emmer warm water. Uitgehongerde biggen hevelde ik over van moeders met tien tepels naar moeders met zestien tepels. Ook nam ik een zieke big mee het huis in. Met een pipetje gaf ik hem melk en op de grote groenleren bank keken we samen Noorse krimi’s die we niet verstonden. ’s Ochtends viel me op dat big Bernd niet gepoept of geplast had. Aan de ontbijttafel onderzocht boer Tor Arne de kleine big. Al snel zag hij dat Bernd geen openingen had onder zijn kleine krulstaart en hij al mijn goedbedoelde melk dus nergens kwijt kon. Tor Arne liep naar buiten en sloeg big Bernd dood op de houten veranda van de boerderij. Onwetend was ik.

Na mijn naïeve liefdadigheid leerde ik beetje bij beetje de geheime agenda van de varkens kennen. Hun gepor in mijn rug, hun geknor in de nacht. Ze bleken sluw, slim en wreed. Meedogenloze vleesmachines, ons in aantal ruim de baas. Ik besloot om, na het redden van biggen, mij toe te leggen op het vakkundig uitbenen van de grotere exemplaren. Een buurman met een wapenvergunning schoot het dier door zijn kop, Tor Arne brandde de borstelige haren van het karkas en met een scherp mes en mijn smalle vingers wist ik elk gram vlees te benutten. De botten werden doormidden gezaagd om soep van te trekken en de poten waren voor de honden.

Tien jaar geleden besloot ik biggen te redden en varkens te slachten. Ze zijn me altijd bijgebleven, op Silence of the lambs achtige wijze. Af en toe zie ik er nog wel eens een, op mijn bord of veilig achter een houten hek in een kinderboerderij. Maar onlangs bracht een documentaire het bestaan van Pig Island onder mijn aandacht, een eiland op de Bahamas. De enige plek ter wereld waar varkens vrij in het wild leven, zonder bemoeienis van mensen. De gruwel. Deze breedneuzige krulstaarten bereiden vanuit daar ongetwijfeld een machtsovername voor. Ze hebben zich weten te bevrijden uit onze hekken en onze magen. De geruchten gaan dat ze kunnen zwemmen. Het zal niet lang duren voor ze boten besturen of een vliegtuig kapen. Ik ken ze. Talloze onwetende toeristen laten zich reeds naar deze Tropical Animal Farm verschepen, als brave biggen richting slachtbank. Dit moet stoppen. Met de VPRO bagagedrager zal ik mij vrijwillig kandidaat stellen polshoogte te nemen op dit zogenaamde paradijs, dit voorportaal van de varkensrevolutie. Een week lang zal ik varken en mens nauwkeurig onder de loep nemen. Ik toets mijn medetoeristen op hun loyaliteit en ga met talloze biggen in bad. Kunnen mens en varken naast elkaar leven of moet er één het onderspit delven? Wie eet er wie?